ADHD
Autisme
Comorbiditeit
Hulpverlening
Diversen
PGB
Alternatief
Boeken
Home Kennismaken Informatie Project Forum Contact Links

ADHD/ ADD: een beschrijving

Inleiding
ADHD of wel Attention Deficit/Hyperactivity Disorder, hier in Nederland aangeduid als Aandachtstekortstoornis met of zonder hyperactiviteit is een ontwikkelingsstoornis. Dit wil zeggen een aandoening die reeds kan beginnen in de vroegste jeugd of voor de geboorte en zich in allerlei kritische fasen van het leven kan voortzetten en waarbij van een zeker cumulatie (opeenstapeling) van invloeden sprake kan zijn (de kenmerken kunnen of zijn meestal in aanleg aanwezig). Door omgevingsfactoren kan in de loop der tijd verergering van de kenmerken ontstaan, maar kenmerken kunnen ook veranderen en nieuwe kenmerken of symptomen kunnen ontstaan. Het begrip stoornis wordt gebruikt om aan te geven dat het om een bepaald beeld gaat, een combinatie van klachten, ofwel een syndroom.
Hier worden de kernproblemen besproken, de DSM-IV criteria, prevalentie (voorkomen van de stoornis), de verschillen in uitingsvorm (presentatie) van AD(H)D bij mannen/jongens en vrouwen/meisjes. Ook worden de specifieke kenmerken op de volwassen en baby/peuterleeftijd besproken.

Kernproblemen
Mensen met ADHD hebben meestal als kernproblemen:
- concentratiestoornissen, (of wel problemen met het vasthouden van de aandacht),
- impulsiviteit (of wel problemen met impulsbeheersing- of remming) en
- hyperactiviteit (of wel over beweeglijkheid en moeite met stil zitten).

Ook zijn er mensen, die niet hyperactief zijn. Dit werd met name het ADD type genoemd.
Niet iedereen heeft dus deze kernproblemen, in dezelfde mate en ook niet iedereen heeft dus alle drie de kernproblemen. Thans zijn er drie type categorieën waarin de stoornis ADHD wordt onderverdeeld. Hierdoor wordt ook bij iemand, die bijvoorbeeld niet druk is de stoornis ADHD genoemd. De alternatieve afkorting van ADHD “Alle Dagen Heel Druk” is dus niet op iedereen van toepassing.

Iedereen heeft wel eens last van bovengenoemde kernproblemen en daarom wordt al snel gezegd dat is normaal en ach het gaat wel over. Het is moeilijk een grens te trekken tussen normaal en een stoornis. Het verschil is dat mensen met ADHD “altijd” last hebben van deze problemen en in vele situaties. Er is vaak sprake van ernstig disfunctioneren.

Drie type categorieën
In de DSM-IV (criteria zoals hieronder beschreven) worden de criteria beschreven van de symptomen, maar er zijn drie categorieën mogelijk waarbij er combinaties van de kenmerken gemaakt worden. De types zijn:
314.01 Aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit: gecombineerd type. Dit type wordt toegekend als er wordt voldaan aan het criterium onder A1 en A2.
314.00 Aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit: Overwegend onoplettendheid type.
Dit type wordt toegekend als er wordt voldaan aan het criterium onder A1, maar niet aan die onder A2 (Dit type is meestal niet druk, maar kan wel onrustig zijn).
Dit type werd in een vorige versie van de DSM ADD type genoemd.
314.01 Aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit, overwegend hyperactief-impulsief type. Dit type wordt toegekend als er wordt voldaan aan het criterium onder A2, maar niet aan die onder A1.


Bij het diagnosticeren van ADHD worden onder andere de criteria gebruikt van de DSM-IV, die hieronder vermeld staan. Hoe de diagnose verder wordt gesteld is te vinden onder de knop Diagnose.

Kenmerken van ADHD volgens de criteria van de DSM-IV
(Diagnostic Statistical Manual of Mental Disorders 4th Edition).

Aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit.
1. Aandachtstekort: zes (of meer) van de volgende symptomen van aandachtstekort zijn gedurende ten minste zes maanden aanwezig geweest in een mate die onaan- gepast is en niet
past bij het ontwikkelingsniveau:
het kind of de jongere:
- slaagt er vaak niet in voldoende aandacht te geven aan details of maakt achteloos fouten in schoolwerk, werk of bij andere activiteiten;
- heeft vaak moeite de aandacht bij taken of spel te houden;
- lijkt vaak niet te luisteren als hij/zij direct aangesproken wordt;
- volgt vaak aanwijzingen niet op en slaagt er vaak niet in schoolwerk, karwijtjes af te maken of verplichtingen op het werk na te komen (niet het gevolg van oppositioneel gedrag of van het onvermogen om aanwijzigen te begrijpen);
- heeft vaak moeite met het organiseren van taken en activiteiten;
- vermijdt vaak, heeft een afkeer van of is onwillig zich bezig te houden met taken die een aanhoudende aandacht(langdurige geestelijke inspanning) vereisen (zoals school- of huiswerk);
- raakt vaak dingen kwijt die nodig zijn voor taken of bezigheden (bijvoorbeeld speelgoed, huiswerk, potloden, boeken of gereedschap);
- wordt vaak gemakkelijk afgeleid door uitwendige prikkels;
- is vaak vergeetachtig in zijn doen en laten (bij dagelijkse bezigheden).

2. Hyperactiviteit-Impulsiviteit: zes (of meer) van de volgende symptomen van aandachtstekort zijn gedurende ten minste zes maanden aanwezig geweest in een mate die onaangepast is en niet past bij het ontwikkelingsniveau:
Hyperactiviteit
- zit vaak met de handen te friemelen, met de voeten te schuiven en op zijn stoel te wiebelen of draaien;
- staat zo maar op (bijv. in de klas of in andere situaties), terwijl van het kind verwacht wordt dat het blijft zitten;
- rent vaak rond of klimt overal op in situaties waarin dit ongepast is (bij adoles- centen of volwassenen kan dit beperkt blijven tot subjectieve gevoelens van rusteloosheid;
- heeft vaak moeite rustig mee te spelen of aan vrijetijdsactiviteiten deel te nemen;
- is vaak “in de weer” of “draaft maar door”;
- praat vaak aan een stuk door.
Impulsiviteit
- gooit het antwoord er vaak al uit voor de vraag helemaal is gesteld;
- kan dikwijls niet op zijn beurt wachten, in een winkel, bij sport of spel of in groepssituaties;
- verstoort vaak bezigheden van anderen of dringt zich op.

Bijkomende criteria zijn, dat ADHD niet later dan op de leeftijd van zeven jaar is begonnen, dat de symptomen in twee of meer situaties dienen op te treden (bijv. thuis, op school, op het werk of de sportvereniging), dat de stoornis veel leed en beperking in het sociale, schoolse of beroepsmatige functioneren veroorzaakt en dat er geen sprake is van een zwaarder diagnose zoals pervasieve ontwikkelingsstoornis, psychose of manie (Koster van Goos, 1998).
Over de criteria en de bijkomende criteria zijn thans in wetenschappelijk kring vele discussies gaande, omdat er ook bijvoorbeeld mensen zijn waarbij de symptomen na het zevende jaar begonnen zijn.

Prevalentie (Voorkomen bij de bevolking)
De cijfers over het voorkomen van ADHD bij kinderen lopen nogal uiteen afhankelijk van de diagnosecriteria en de onderzoeker. Geschat wordt tussen de 3 en 20% van de Nederlandse bevolking. Aangehouden worden ongeveer 3-5%. Bij volwassenen wordt dit geschat op ongeveer 1% van de volwassen bevolking (v.d. Kooij, 2002).

Verschillen in uitingsvorm (presentatie) van AD(H)D bij mannen/jongens en vrouwen/meisjes.
Jongens hebben drie tot viermaal vaker AD(H)D dan meisjes, terwijl bij volwassenen de verhouding elkaar benadert. Dit kan wijzen op onderdiagnostiek bij meisjes. AD(H)D gaat bij meisjes minder vaak gepaard met hyperactiviteit en agressief gedrag. Meisjes hebben meer internaliserende (naar binnen gekeerde) problemen (bijvoorbeeld depressief of in zichzelf gekeerd gedrag) en jongens uiten hun gedrag meer externaliserend (naar buiten gekeerd of agressief gedrag).

Specifieke kenmerken op de volwassen leeftijd.
De bovengenoemde critera van de DSM-IV zijn specifiek vastgesteld voor kinderen. Er werd namelijk toen deze werden opgesteld, gedacht dat ADHD overging na de puberteit.
Helaas is dit voor velen niet het geval. Bij volwassenen is het lastig de diagnose te stellen omdat is gebleken, dat er kenmerken verdwijnen of van vorm veranderen ( een voorbeeld hiervan is, dat de hyperactiviteit kan veranderen in een innerlijke onrust als gedreven door een motor). Ook kunnen volwassenen, doordat zij over hun eigen gedrag kunnen nadenken, in de loop er jaren strategieën hebben ontwikkeld om met hun problemen om te gaan. Ook is het mogelijk dat volwassenen zelf al hun leven zo hebben ingericht, dat zij geen “last” lijken te hebben van de problemen. Ze hebben bijvoorbeeld een baan gevonden, waarin zij al hun creativiteit en onrust kwijt kunnen.

Kenmerken bij volwassenen:
- Leerproblemen, lager opleidingsniveau, opleiding niet afgemaakt
- Moeite met sociale contacten, gepest op school
- Financiële problemen, gokken
- Stemmingswisselingen
- Dwangmatigheid (vaak als copingstijl voor vergeetachtigheid en chaos)
- Temperamentvol gedrag, woede-uitbarstigen
- Gedragsproblemen: agressief gedrag, oppositioneel gedrag of autoriteitsconflicten, automutilatie en zelfmoordpogingen
- Sensation seeking: spanning nodig hebben (bijvoorbeeld te hard rijden, te veel risico’s nemen, ruzie zoeken, gevaarlijke sporten beoefenen)
- Crimineel bedrag, contact met politie of justitie
- Relatieproblemen (niet aan afspraken houden, vergeetachtigheid, chaotisch)
- Werkproblemen (te traag tempo, te veel fouten, conflicten)
- Slaapproblemen (laat naar bed, onrustig slapen, moeite met opstaan) (Kooij, 2002).

Vaak voorkomende comorbiditeit
- Angst
- Depressie
- Drugs- en/of alcoholmisbruik
- Gedrags- of persoonlijkheidsstoornissen.

Specifieke kenmerken op de baby/peuterleeftijd:
Deze kenmerken kunnen voorkomen maar hoeft niet en ook niet allemaal tegelijk.
- Veel huilen als baby en later snel in tranen kunnen uitbarsten.
- Onrustig.
- Niet snel te troosten
- Veel zuigbehoefte.
- Snel van slag.
- Veel aandacht vragen.
- Niet alleen kunnen spelen
- Zich zelf niet kunnen bezighouden
- Steeds contact willen of veel aandacht vragen.
- Periodes 's nachts veel huilen hierbij ontroostbaar.
- Motorisch onhandig.
- Minder contact met je kind, dan normaal verwacht.
- Niet luisteren.
- Afwezig. Of lijkt niet te luisteren.
- Druk. Overal aan zitten.
- Gespannen bij aanraken
- Als een plank aanvoelen bij oppakken.

Eigenlijk vertonen bijna alle kinderen wel diverse van bovenstaande kenmerken, als ze zo jong zijn, alleen vertonen personen met adhd deze in extremere mate, iedere dag en in vele situaties.

ADD of Aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit, overwegend onoplettend type.
Specifieke problemen bij ADD. Kinderen en volwassenen met ADD hebben in veel mindere mate last van overbeweeglijkheid. Bij hen is dit meestal beperkt tot een bepaalde onrust. Ook zijn deze kinderen vaak wat traag en hebben startproblemen. Toch functioneren deze personen beneden hun niveau, doordat zij hun aandacht niet goed kunnen richten, omdat bij hen de concentratiestoornis het hoofdprobleem is. Concentratieproblemen kunnen leiden tot leerproblemen. In 60% van de gevallen heeft bijvoorbeeld een ADD-kind een specifieke lees- of rekenstoornis (Barkley, 1998; Gunning, 1998; Oudshoorn e.a., 1998; Paternotte, 1996).
Vaak zijn personen met een ADD als baby erg rustig (te rustig) geweest en maken zij een trage indruk. Ze zitten bijvoorbeeld graag voor de tv, maar blijken bij navraag waar ze naar keken helemaal niet gevolgd te hebben. ADD lijkt vaker bij meisjes of vrouwen op te treden. Dit is mogelijk het gevolg van het feit dat meisjes van nature meer internaliserend (naar binnen toe/in zichzelf gekeerd) gedrag vertonen en jongens externaliserend (naar buiten toe gericht gedrag).
Doordat er bij personen met een ADD geen of nauwelijks sprake is van hyperactiviteit worden zij niet opgemerkt of gediagnosticeerd, terwijl er weldegelijk sprake is van een stoornis.


Download dit artikel Print het artikel

Informatie

Kennismaken Onder de knop ‘Kennismaken” vind je informatie over degene achter deze site.

Informatie Onder de knop ‘Informatie’ kun je allerlei info vinden over bijvoorbeeld AD(H)D, Autisme, Comorbiditeit, hulpverlening, PGB en nog veel meer!

Project Onder de knop ‘Project’ kun je lezen wat het project inhoudt en waarvoor informatie of hulp wordt gevraagd.

Contact Met de knop ‘Contact’ kun je contact met mij leggen, als je een vraag hebt of informatie hebt voor mij.

Links Onder de knop ‘Links’ zijn gerelateerde sites te vinden.


© Stoornissen.nl 2004